Gisterenavond is in Etten-Leur een infobijeenkomst gehouden.
Partijen vergaren hier informatie voordat ze een besluit over een bepaald onderwerp gaan nemen.
Namens
de Stichting Oosthoek Natuurlijk is hier, op basis van de gedane
onderzoeken en de daaruit voortvloeiende gemaakte keuzes, het verzoek
ingediend aan de Raad om af te zien van de locatie Etten-Leur zuid en
de Oosthoek.
We hebben de handtekeningen van de vele mensen
woonachtig in en aan de Oosthoek en Etten-leur zuid aangeboden, en
nogmaals betoogd waarom we menen dat de A58 de grens moet blijven
tussen de verstedelijking ten noorden ervan en het landelijke gebied
ten zuiden ervan.
Tijdens de eerstvolgende raadsvergadering in december, zal de raad hierover waarschijnlijk beslissen.
Aanvankelijk
zijn in het onderzoek, door Arcadis, dat is uitgeschreven door het
College van B&W van gemeente Etten-Leur en Gedeputeerde Staten van
Noord-Brabant, vier locaties betrokken. Daar hoorde ook de Oosthoek en
Etten-Leur zuid bij. In de notitie locatiekeuze bedrijventerreinen is
aan de hand van dit onderzoek de bestuurlijke keuze gemaakt voor de
locaties middendonk en haansberg zuid, voor uitbreiding van het
bedrijventerrein voor de korte en middellange termijn.
De locatie Oosthoek en Etten-Leur zuid zijn doorgeschoven/gereserveerd voor de lange termijn.
Deze keuzes worden uitgebreid gemotiveerd op basis van de bevindingen
uit het onderzoek. In tegenstelling tot wat gisterenavond is beweerd,
is door de onderzoekers ook separaat gekeken naar de mogelijkheden voor
een bedrijventerreinvestiging in Etten-Leur zuid, dus zonder het
Rucphense aandeel.
Aan de hand van de onderzoeksresultaten heeft
men vervolgens geconcludeerd dat " Het te ontwikkelen bedrijventerrein
op locatie 2, is dan te klein om de parallelle ontsluiting langs de A58
te bekostigen en de ingreep te ingrijpend (de stap over de A58) voor
een beperkte oppervlakte".
Ook heeft het onderzoek al aangestipt dat
er rekening mee gehouden diende te worden dat de locatie haansberg
mogelijk uitgebreid kon worden doordat het als woningbouwlocatie zou
komen te vervallen.
Men ging ten tijde van het vaststellen van de
uitwerkingsplannen in 2004 ervan uit dat men ten zuiden van de A58 een
heel groot gebied vrijelijk ter beschikking had. Daarbij calculeerde
men, ten onrechte, de medewerking van Rucphen in . Doordat men ervan
uitging dat men ten zuiden van de A58 toch ruimte te over had, liet men
de andere weliswaar kleinere, maar toch ook al geschikt bevonden
locaties, in de la liggen.
Hierbij moet heel duidelijk worden
opgemerkt dat de grote ruimtebehoefte waar men destijds van uitging,
leidend was voor die voorkeur.
Destijds was het beleid van
Etten-Leur namelijk gericht op een zeer sterke groei en sprak men de
wens uit om een grote regionale functie te vervullen. Hoe anders is dat
nu! In plaats van sterke groei en een regionale functie, streeft men nu
in het nieuwe Sociaal Economisch Beleidsplan een gematigde groei en een
beperkt regionale functie na. Dit heeft verstrekkende gevolgen voor de
druk op de ruimte.
De ruimtebehoefte die destijds is opgegeven is
door nieuwe ontwikkelingen en inzichten sterk naar beneden toe
bijgesteld; men heeft nu dus geen behoefte meer aan het grote aantal
hectaren van toen, en volgens het onderzoek, het college van B&W en
gedeputeerde staten kan de gemeente Etten-Leur zichzelf nu bedruipen
met de locaties waarvoor nu gekozen is in de notitie.
Nut en noodzaak voor een bedrijventerrein in de Oosthoek en Etten-leur zuid is niet vast komen te staan.
Daar
komt nog bij dat er zich in de tussentijd dus in Etten-Leur zich nog
andere, nieuwe ontwikkelingen voorgedaan; doordat het
woningbouwprogramma voor de haansberg deels komt te vervallen, zou dat
gebied wellicht in aanmerking kunnen komen voor uitbreiding van het
bedrijventerrein. Ongeveer 12 hectaren van dit gebied, haansberg-zuid,
was in het streekplan al gereserveerd voor uitbreiding van het
bedrijventerrein, mogelijk komen daar nu nog meer hectaren bij, zodat
een aaneengesloten gebied, aansluitend op bedrijventerrein Vosdonk,
mogelijk kan gaan dienen als uitbreidingslocatie voor het bestaand
bedrijventerrein, en daarmee een passende oplossing kan bieden voor het
ruimtevraagstuk van gemeente Etten-Leur.
Wat de andere
uitbreidingslocatie middendonk betreft; hier moet eerst onderzocht
worden hoeveel gebied er nodig is voor waterberging. De al dan niet
resterende ruimte zou eventueel nog in aanmerking kunnen komen voor
bedrijfsvestiging. Zoals gezegd; dit wordt nu eerst nog nader
onderzocht. Omdat dat onderzoek nog lopende is, wil het college nog
geen beslissing nemen over welk gebied nu precies in aanmerking komt
voor uitbreiding op de korte en middellange termijn.
De oosthoek en Etten-Leur zuid onderscheiden zich hiervan, vanwege de reservering voor de lange termijn.
Wij blijven van mening, en gelukkig delen heel veel politici op
gemeentelijk en provinciaal deze mening, dat vooral gezien de nieuwe
ruimtebehoeftecijfers, het planologisch niet verstandig en wenselijk is
om het landschap ten zuiden van de A58 op te offeren en aan te tasten.
Zeker niet nu, op basis van nieuwe gegevens en ontwikkelingen in het
SEB, men minder hectaren nodig heeft dan aanvankelijk in het Streekplan
werd aangenomen.
We blijven hopen dat ook de Raad in Etten-Leur
vasthoudt aan het standpunt dat ze jaren geleden al innam, namelijk;
geen sprong over de A58 , zeker niet zolang er ten noorden ervan nog
ruimte beschikbaar is.
Een sprong over de A58, zou opnieuw de
teloorgang van een nu nog landschappelijk gebied betekenen, de snelweg
zou Etten-Leur wederom in tweeën splijten, de dorpen zouden aan elkaar
vastgroeien en veel, heel veel bewoners zouden in hun belangen worden
aangetast.
We hopen dat de Raad in Etten-Leur op basis van de
aangevoerde argumenten, en omwille van al deze mensen die al zo lang
moeten leven in onzekerheid, het besluit zal nemen af te zien van de
Oosthoek en Etten-Leur zuid als uitbreidingslocatie.